Grafiek

De grafiek geeft de koersevolutie (vertikale as) weer in functie van de rentestand (horizontale as). Het rendementsniveau tegen inschrijvingsprijs is aangeduid door stippellijnen die elkaar in het midden van de curve kruisen.

Hoe groter de restlooptijd van de obligatie en hoe lager haar nominale coupon, hoe krommer (convexer) de curve zal zijn.

De grafiek hieronder geeft de toestand weer van een obligatie met een restlooptijd van 20 jaar, een nominale coupon van 2% en een uitgifteprijs van 67,712%. Haar rendement bedraagt 4,48%. Haar koersgevoeligheid is -10,23 en haar convexiteit 189,66. De rode curve geeft het reëel koersgedrag van de obligatie weer in functie van de rente (rendement). De groene rechte geeft de theoretische koersevolutie weer op basis van de koersgevoeligheid van de obligatie. Deze rechte wordt niet weergegeven op de grafiek van de respectievelijke obligaties uit de lijst. Men stelt vast dat de koersgevoeligheid alleen relevant is voor kleine renteschommelingen. En net zoals voor de koersgevoeligheid is de convexiteit, de maatstaf voor de kromming van de curve, alleen geldig aan weerskanten van het actueel rendement. De convexiteit vermindert zodra het rendement stijgt en vermeerdert in het omgekeerde geval.